Teuna Bongers: Door echte aandacht maak ik het verschil.

Tijdens de leiderschapstraining LIFE raakte ik met Teuna Bongers in gesprek over het thema aandacht. Een mooie aanleiding op Teuna op haar werk op te zoeken, bij Kinderopvang Heijendaal. Als ze mij hartelijk verwelkomt op haar kantoor, is ze de rust zelve. Ze straalt van vrolijkheid als ze met de ouders en begeleiders spreekt. Toen ik haar sprak vervulde zij de rol van waarnemend directeur en gaf ze leiding aan vijftig medewerkers. Ik vroeg haar: Wat is aandacht eigenlijk?

Teuna: “Aandacht is tijd nemen voor waar de ander mee komt. Er even voor gaan zitten. Als ik aandacht geef, maak ik even ruimte in mezelf om er voor de ander te zijn.” Komt dat altijd uit? “Als iemand mijn werkkamer binnenkomt maak ik snel een onderscheid. Is het urgent of is het iets wat ook op een ander tijdstip besproken kan worden. Soms heeft de ander alleen maar even behoefte om gezien of gehoord te worden. Omdat zij ergens mee rondloopt wat haar dwars zit bijvoorbeeld. Ook dat kan belangrijk zijn.”

Hoe is het om aandacht te ontvangen. Wat doet dat met jou?
“Het is fijn om aandacht te ontvangen van mensen met wie ik me verbonden heb. Maar in mijn rol als leidinggevende zit ik niet direct op aandacht te wachten. Ik wil vooral mezelf kunnen zijn. Naar mijn medewerkers toe heb ik geen behoefte om in de aandacht te staan. Uiteraard vraag ik om functionele aandacht als ik voor alle medewerkers sta en hen toe spreek. “

“Wel is het fijn als ik me gedragen voel. Als men vanuit het bestuur aandacht geeft, is dat fijn. Je merkt direct of die aandacht oprecht is. Dan weet ik dat er verbinding is en dat ik ook op de ander kan rekenen. Dat geldt ook voor mezelf. Als ik zelf aandacht geef wil ik ook bereid zijn om op te kunnen vangen wat je terugkrijgt en daar later wat mee te doen. Dit doe ik door mede verantwoordelijkheid te dragen, waar nodig steun te geven of erop terug te komen. “

Als je aandacht geeft, wat brengt dat jou?
“Een medewerker wil even iets met mij delen, ze vraagt om een moment van aandacht. Daarna kan ze met minder last of zorgen hun werk kunnen doen. Heel functioneel dus. Want zij kan haar aandacht weer volledig aan de kinderen geven. Maar daarnaast is aandacht geven ook ook heel dankbaar. Er gebeurt iets in mezelf als ik aandacht geef. Het geeft mij veel voldoening als ik iemand lichter mijn kamer uit zie gaan. Alleen al het feit dat men bij mij langs komt om iets te delen is een uiting van vertrouwen. Ik geniet daar van.”

“Op zo’n moment ontstaat ook iets van loslaten waar je mee bezig bent. Je moet even een knop omzetten. Ik laat het denkwerk en regelwerk los en ben even in het nu. Het enige wat op dat moment van belang is, is het contact tussen mij en de medewerker. Eigenlijk hoef ik op dat moment niets anders dan er volledig te zijn. Alleen dan is er echte aandacht. En dan ontstaat er het vertrouwen dat ik vanuit mijn aanwezigheid de ander kan zien en dat de oplossingen zich wel aandienen. Dat het goed is zoals het is.”

Teuna geeft een voorbeeld. “Er was een groep waar klachten waren dat de baby’s zoveel huilden. Kan gebeuren. Toen bleek dat in de groep een leidster was die heel veel zorgen had. Het werd mij duidelijk, dat wanneer er veel gehuild wordt of er veel onrust onder de kinderen is, ik eigenlijk even moet gaan kijken wat er met die leidsters aan de hand is. Even aandacht schenken aan hen is dus ook voor de kinderen. Toen ik de medewerker de ruimte gaf voor haar zelf, huilden de baby’s minder. Toen zag ik dat er een directe samenhang was.”

Hoe zorgt jouw aandacht voor meer zelfstandigheid?
Door aandacht ontstaat er ook meer zelfbewustzijn bij de medewerkers en kunnen ze meer aan. Bij mijn start was door mijn voorganger een extra regel ingesteld over hoe om te gaan met zieke kinderen en wilde men niet direct met ouders hierover in gesprek.  Ik was verrast dat ze nu zelf voorstelden om die regel, die er was om hen te beschermen, weer mag worden afgeschaft. Ze zijn zelf in staat om het gesprek met de ouders hierover te voeren. Ik zie dat ze zelf meer weerbaar en zelfbewust zijn geworden.

Stel dat je je dag niet hebt en even die aandacht niet kunt opbrengen. Merk je dat dit effect heeft op anderen?
Teuna: “Wat ik tijdens de leiderschapsopleiding LIFE geleerd geleerd heb is, dat wat je uitstraalt niet hier stopt. Teuna legt haar hand op haar borst. “Ik straal dat verder uit dan alleen mijn huid en anderen vangen dat op. Tijdens de opleiding heb ik dat aan den lijve ondervonden.

“Toen ik hier net begon, gingen medewerkers er vanuit dat leidinggevenden toch nooit tijd hadden. Het gevolg daarvan was dat ze niet kwamen met de dingen waar ze mee zaten. Ze probeerden het zelf maar op te lossen of het ging een eigen leven leiden. Door die frustratie en medewerkers namen een houding van overleven aan, ze deden alleen nog het hoog nodige. Ik ben blij dat ik dat heb kunnen doorbreken.”

“Er was een medewerker”, aldus Teuna, “die iets wilde delen met mij, maar ze schatte in dat ik daar niet open voor stond. Ze had een aanvaring gehad met een ouder, dat wilde ze even kwijt voordat ze die ouder weer zag. Als medewerker zoek je naar de voor dat moment meest haalbare oplossing. Door te sparren kan je het erover hebben: waarom heeft het je zo geraakt. En wat zijn alternatieven. Daardoor wordt het niet onnodig groter. Nu heeft ze er twee weken mee rondgelopen. Als ik haar wel had kunnen spreken, had ik haar kunnen vragen: wat zou je de volgende keer met de ouder willen zeggen?”

“Er zijn verschillende gradaties van aandacht. Is het een regeldingetje of wil iemand iets van zichzelf kwijt. Dit proef je in de eerste zin.” (Teuna Bongers)

Ik heb een klein stoeltje naast mijn bureau, zodat iemand bij me kan komen zitten, zonder dat er gelijk een overlegsituatie ontstaat. Een andere vorm van aandacht is de ander echt zien, in dat waar ze hiervoor zijn, hoe ze bezig zijn met hun werk.

Teuna: “Ik neem weleens even de tijd om in een groep erbij te komen zitten en te kijken hoe het gaat. Ik geef ze dan de aandacht voor het werk wat ze doen en niet voor het probleem waar ze mee komen. Ik zie ze in hun werk. Als ik op de groep ben heb ik geen commentaar, ik stel wel vragen maar ik ben verder gewoon aanwezig. Het heeft geen zin om steeds te benoemen wat er niet goed is of wat me niet bevalt.”

Wat doet die aanwezigheid met ze?
Het is een basisbehoefte om gezien te worden. Ik beschouw het als een vorm van waardering en respect. Ik vind dat de mensen, waar je direct leiding aan geeft, moet zien in hun werk. Het is een vorm van respect en waardering voor het primaire proces, het echte werk dat ze doen. Daarmee laat ik zien: wat jullie doen, daar draait het om.

Bovendien kan ik mijn rol beter vervullen als ik vanuit mijn positie ook zie hoe ze werken. Als er dan iets vervelends gebeurt, kan ik de problemen beter plaatsen en meedenken over oplossingen.

“Heel af en toe spring ik bij, wat natuurlijk niet de bedoeling is.” Teuna moet lachen. “Een van de leidsters zei toen: oh Teuna ben je aan het werk? Waarop ik zei : Meestal ben ik hier aan het werk, maar nu even niet!”

“Als leidinggevende kan ik stellen dat aandacht het verschil maakt.” (Teuna Bongers)

“Met meer aandacht verandert het hele kinderdagverblijf. Een medewerker zei laatst: Sinds jij hier bent gebeuren er weer dingen. Je brengt iets te weeg. Wat ik teweeg ben is dat ik mensen uitnodig, meer te durven en dingen te ondernemen. Door de aandacht die ik geef hebben ze meer zelfvertrouwen en enthousiasme om hun nek uit te steken. Ze komen met meer plezier en motivatie naar hun werk.”

Meer informatie over de opleiding “LIFE” vind je hier

Gooi de glasplaatjes weg en kijk met andere ogen

Ik ben in gesprek met een collega en bemerk dat ik de ander door een denkbeeldige glasplaat aanschouw. Een glasplaat tussen mijzelf en de ander. De glasplaat is gekleurd door mijn gedachten. Gedachten over hem, gedachten over mezelf en over wat ik denk dat hij van mij vindt. Ook oordelen over hem en over mezelf kleuren de glasplaat, waardoor ik minder helder waarneem. In werkelijk contact, zonder oordelen en bijgedachten, kan ik meer aanwezig zijn. Daarin wil ik mezelf trainen.
Gezicht achter glas
Ik ben opnieuw in gesprek met een collega. Deze keer aanschouw ik de gedachten en gevoelens die opkomen. Ik laat de gedachten en gevoelens toe, ze mogen neer dalenl op de glasplaat, die tussen ons in staat. Dan besluit ik, de glasplaat in gedachten weg te gooien. Naast mij valt hij in diggelen. Hèhè, dat ruimt op. Ik zie de ander nu vanuit waarachtigheid, in zijn schoonheid, zonder oordelen. Ik kan de ander laten zijn zoals hij is, ik hoef hem niet te beïnvloeden of veranderen. Met gedachten over mezelf doe ik elke hetzelfde. Het is niet relevant hoe ik over kom of wat de ander over mij denkt. Ik ben er gewoon, in volle aanwezigheid. Dat voelt ontspannen en gelijkwaardig.  zie ik de ander in zijn puurheid, zonder oordelen, zonder gedachten, zonder inkleuring.
Gebroken glas
Het wonderbaarlijke is, dat zo gauw ik de glasplaat weggooi er iets verandert in het gesprek. Ik kan beter luisteren, ik neem de uitdrukkingen van mijn collega scherper waar en zie zijn gevoelens, ik kan me beter inleven. Vanuit verbondenheid en begrip luister ik naar de dilemma’s, die hij met mij deelt. Het lijkt alsof het al genoeg is om er alleen maar voor hem te zijn. Ik hoor mezelf belangstellend vragen stellen, zonder advies te geven of voorstellen te doen. Na een kwartiertje dankt hij me voor het waardevolle gesprek, “Fijn dat je even de tijd nam, dit heeft me enorm geholpen”.
Een andere collega reageert geërgerd als ik hem iets vraag.  Ik bemerk dat de weerstand die ik bij hem oproep ook iets met mij doet. Ik oordeel over zijn afwerende non-verbale signalen en dat belemmert mij weer om echt contact met hem te maken. Tijd dus om ook die oordelen los te laten. Heel bewust laat ik weer mijn gedachten, gevoelens en oordelen op de glasplaat neerdalen.
Transparant lichaam
Als ik de glasplaat in gedachten weggooi, is het alsof de ander transparant is geworden. Vanuit medeleven zie ik zijn worsteling terwijl hij tegen me praat. Zijn gezicht vervaagd en tegelijk krijgt hij meer uitdrukking, ik zie als het ware de ziel van deze collega, in al zijn schoonheid. Ik ervaar de energie-uitwisseling en kan vanuit mijn hart naar hem kijken. Het begrip voor hem, zoals hij daar tegenover mij zit, creëert gelijkwaardigheid en respect voor wie hij is. Tegelijk kan ik helemaal mezelf zijn. Voor het eerst ervaar ik echt contact met hem. Ik zie hem opgelucht ademhalen, ook hij ontspant en er komt meer rust in zijn woorden.
Na afloop bedank ik mezelf, voor de extra vrijheid die ik mezelf heb toegeëigend. De vrijheid om volledig aanwezig te zijn, voor mezelf en de ander.

Een rimpeling in het water

Soms heb ik weleens een moment dat ik twijfel over mezelf: Doe ik het wel goed? Doe ik wel de juiste dingen? Vooral op momenten dat ik het effect van mijn aanwezigheid zie bij mensen om mij heen. Zo’n moment deed zich laatst voor toen ik terugkwam van vakantie.

Op de eerste dag terug op kantoor kreeg ik te horen van een collega: “Nou, jij hebt wel wat losgemaakt door de feedback, die je tijdens de beoordelingsgesprekken hebt gegeven. Het hele team is van slag!”. Een teamlid vertelde dat de sfeer een aantal dagen slecht was, nadat een paar medewerkers aan elkaar klaagden over hun beoordeling. Eerst relativeerde ik het voor mezelf: Ach, dat gebeurt altijd. Beoordelingsgesprekken zorgen nou eenmaal voor onrust en men is niet gewend om kritiek te krijgen. Maar daarna maakte ik me toch zorgen. Was ik niet te hard geweest in mijn feedback? Misschien is iedereen nu gedemotiveerd en ben ik de verbindinng met de teamleden kwijt. Ik nam mijn zorgen mee naar huis en voelde me tijdens het avondeten uit balans. Wat was er aan de hand?

Tijs stilte

Ik was even mijn ‘bodem’ kwijt en voelde me onzeker. Door mijn toedoen was er van alles gebeurd met medewerkers in het team. Ik schrok van het effect ervan en was bang voor de gevolgen daarvan in de toekomst. Wat mij vooral uit balans had gebracht, was de druk die ik voelde doordat ik vond dat ik aan verwachtingen van anderen over mijn management-rol moest voldoen. Ik ben verantwoordelijk voor de rust en het werkplezier in het team. Maar ik moest ook een verandering tot stand brengen. Hoe kan ik aan al die verwachtingen voldoen? Straks verpruts ik beiden.

Tijdens de afwas besloot te stoppen met naar mijn angsten te luisteren, zodat ik beter naar mijzelf kon luisteren. Naar mijn verlangen, mijn behoeften. Ik wil weten en met eigen ogen zien hoe het echt met iedereen gaat. Ik wil in contact staan met mijn medewerkers en hun verhalen horen. Ik wil samen met hen op zoek naar vervolgstappen. En ik wil ook achter mezelf blijven staan.

Afwassen

De volgende dag had ik weer zin om iedereen te zien.  Ik Was weer helemaal aanwezig. Vanuit die aanwezigheid ging ik in gesprek met medewerkers en bleef in vertrouwen bij mezelf. Ik sprak individueel met degenen van wie ik wist dat ze moeite hadden met de feedback die ik ze had gegeven. Ze vertelden me over hun ervaringen tijdens mijn afwezigheid. “Het was niet makkelijk geweest, maar ik ben blij dat ik nu weet wat ik kan verbeteren.” Ze vertelden ook over de beladen sfeer die er was geweest: “Eerst nam ik het jou kwalijk, maar na gesprekken met collega’s realisserde ik me dat zij dezelfde feedback geven en ik dus naar mezelf moet gaan kijken”. Anderen spraken hun dankbaarheid uit: “Ik ben zo blij dat jij gewoon zegt waar het op staat. Nu weet ik tenminste wat me te doen staat”.

De angst voor de rimpels die ik veroorzaak in het water, nadat ik er een steentje in gegooid had, maakte plaats voor verwondering. Wat prachtig om te zien hoe door die rimpeling in het water ik mijn steentje mag bijdragen aan de ontwikkeling van anderen.

Die angst voor wat kan komen zal me vast nog vaak weg trekken uit mezelf en uit het contact met de ander. Maar door me weer te verbinden met mezelf, kom ik terug in het hier en nu. In mezelf voel ik mijn lijf, luister ik naar de stilte, neem ik mezelf waar. Zo ben ik weer helemaal aanwezig. En kan ik weer vanuit vertrouwen in contact zijn met anderen.

Wat er achter me ligt en voor me ligt is niets vergeleken met wat er in mezelf ligt: aanwezigheid!